

Zwitserland "in
blik"
Al ben ik een tobber en heb
ik geen sou,
Toch ga ik naar .... Zwitserland toe,
Al lijkt het U gek, die reis kost me geen duit,
Ik ga zelfs mijn huisje niet uit,
Dan spring ik en rodel....dan zing ik en jodel....
Dan ijsbeer ik skiënd door 't huis,
Dan zeggen de buren: Die lui zijn gaan kuren
En staat op de deur: "Niemand thuis!"
Refrein:
Dan is m'n huisje 'n
Zwitserland,
Holdriooo....... Holdriééé
Waar zelfs een Zwitser van watertandt,
Dan weerklinkt mijn Juchééé........
Ik kruip in 'n broekje van
m'n zoontje Piet,
Al zit het krap.....dat hindert niet,
Met kuitkousjes aan en 'n hoed met 'n veer,
Dan ben ik vanouds weer "Meneer!"
M'n vrouw onverschrokken, met zeventien rokken,
En nog een paar sneeuwschoenen aan
Dan roept Pietje, "Moeder, waar is de zeeppoeder,
Want Edelweis moet er toch staan!"
Refrein: (als boven)
Ik bind om m'n middel 'n
kabeltouw vast
En spring pardoes....zo van de kast,
Of hang aan de schoorsteen 'n wit laken op,
Dat is dan 'n besneeuwde "top".
En zit ik daarboven......moet ik wel geloven,
Dat ik van de angst haast bezwijkt,
Dan zit ik te rillen.....begin hard te gillen,
En ben dus 'n Zwitser gelijk!
Refrein: (als boven)
Ik gooi in de keuken, 'n
mud of wat zand,
En strooi dan meel.....met milde hand,
Dan was ik m'n vrouwtje, geducht met die sneeuw,
En wijs, met 'n Zwitserse schreeuw,
Naar 'n panorama......."'n oude pyama!"
En roep: "Wat verrukkelijk zeg",
Maar dan gilt ze: Zwetser, kijk uit voor je gletsjer,
Die smelt als een ijswafel weg!
Refrein: (als boven)
