Waarom zo droevig dat lied?

Je denkt: Waarom heeft die man verdriet?

Waarom zo droevig dat lied?

Als alles lacht, waarom hij dan niet?

Waarom, mijn vriend? Waarom niet?

 

Ik zag ontheemden bij duizenden,

bergop, bergaf, op de vlucht.

'k Zag idealen vergruizen en de

hoop verdampen tot lucht.

 

Je denkt: Waarom heeft die man verdriet?

Waarom zo droevig dat lied?

Als alles lacht, waarom hij dan niet?

Waarom, mijn vriend? Waarom niet?

 

Ik zag het woord  van gerechtigheid

in monden, die eerst het brood

van arme arbeiders roven en

die grijnzen om onze nood.

 

Je denkt: Waarom heeft die man verdriet?

Waarom zo droevig dat lied?

Als alles lacht, waarom hij dan niet?

Waarom, mijn vriend? Waarom niet?

 

'k Zag wat een vrede in boeien doet,

al dertig jaar, rauw en laf.

De wrede vrede van cel en knoet,

de dorre vrede van 't graf.

 

Je denkt: Waarom heeft die man verdriet?

Waarom zo droevig dat lied?

Als alles lacht, waarom hij dan niet?

Waarom, mijn vriend? Waarom niet?