Van de batterij opslaan
Komt, mannen, laten wij een batterij opslaan,
Met zes en dertig dappere mannen.
O, ja en dan gaan wij zo vrolijk en zo blij,
In zes en dertig uren staat ons hele batterij.
Ons tractement dat is voorwaar niet klein,
Daarover hebben wij geen klagen,
Al bij een kastelein of bij een herbergier,
Daar prijzen wij het leven van onzen braven officier.
Onze officieren zijn voorwaar niet kwaad,
Daarover hebben wij geen klagen,
Zij geven en zij nemen en zij reiken ons de hand,
Onze brave officieren van ons dierbaar vaderland.
Adieu dan meisjes van die schone stad,
Wij moeten u nu gaan verlaten
Al met ons geweer en ons wapens in de hand,
Zo strijden wij voor vorst en ons dierbaar vaderland.