Naar versjes-menu  

Winter in Hollands Tuin

De laatste appel viel in 't gras,

geen vrucht zit in de kale kruin,

die eens vol blad en bloesem was...

- de winter kwam in Hollands tuin,

 

Winter, die in den zwartsten nacht,

de mooiste bongerd overviel,

waar bloesemgeur en zware dracht

van fruit, aan mensch en dier geviel.

 

Sinds zingt geen vroege vogel meer

in 't prille hout zijn luide lied,

geen vlinder zoekt de kerseleer,

geen knaap zoekt met zijn lief het riet.

 

waar elke schemer langs de sloot

de wind een nieuw verhaal begon...

- Nu heerscht in Hollands tuin de dood,

- nu wacht heel Holland op de zon!

 

 

Dan steekt een nieuwe oranjegloed

het vuur in dor hout en bederf,

dan wordt de oude tuin weer goed

en keert de landman tot zijn erf.

 

En in den allerhoogsten boom

zingt dan de merel 't zelfde lied

als wij nu hooren in den droom,

en wat nu pijn doet is er niet.

 

En wat nu heerscht is dan voorbij!

Een zuiv're wind waait van het duin!

Dan is ons oude Holland vrij!

Dan is het zomer in den tuin!

 Naar versjes-menu