Vliegers, die genade kennen.......
Er kwamen vliegers aangevlogen.
Haast als lammetjes zo zacht,
die hebben vol van mededoogen,
een bezoek aan Rotterdam gebracht.
Zij lieten daar hun bommen vallen,
door liefd' en teederheid bezield.
De vliegers, die genade kennen,
die hebben Rotterdam vernield.
Daar werd een ziekenhuis getroffen,
waarop een Roodekruisvlag stond!
Daar was het dat men alle eischen
van Recht en van Beschaving schond.
Daar stonden duizendtallen huizen
in weinig tijds in vuur en vlam....
De vliegers, die genade kennen,
die bombardeerden Rotterdam!
Daar werden vrouwen, grijsaards, kind'ren,
door het GENADIGE geweld,
bij 't ijdel vluchten door de vuurzee,
door vallend steen terneer geveld.
Daar vluchtten angstig opgejaagden
over de vuur'ge straten voort.....
De vliegers, die genade kennen,
die hebben duizenden vermoord!
Vanuit de Rotterdamsche puinhoop
stijgt fel en rauw de schelle kreet; :
"Zie en onthoud, wat hier geschied is,
wie hier genade gelden deed!"
Die kreet weerklinke allerwege,
door ons geknechte Nederland:
De vliegers, die genade kennen,
die hebben Rotterdam verbrand!