Naar versjes-menu

                                                                                  

Boeket rozen

                            'k Zie aan 't raam de laatste rozen bloeien                         

Stil is de zomer heengegaan
Het lied der vogels is verstomd.
Men ziet nog schaars wat bloemen staan,
De donk're winter komt.
Geen zonneschijn, noch vlinderspel,
Geen zomers-blij gerucht
De wolken gaan zo snel, zo snel,
Als schimmen door de lucht:

Refrein:

'k Zie aan 't raam de laatste rozern bloeien,
Dorre blad'ren vallen van de boom.
Door de takken gaat de herfstwind loeien
En verjaagt mijn laatste haren,
Want de winter komt straks ook voor mij.
En ze vallen met de laatste blaren
Jeugd en Lentetijd gaan eens voorbij!
Al het heden wordt verleden,
Jeugd en Lentetijd gaan eens voorbij!

Ik voel mij melancholiek,
En zoek naar een herinnering
Een lach, een kus, of wat muziek
Van al wat henen ging!
Een zachte hand, die even dol
Mij door mijn haren streelt
Een enkel hart, dat liefdevol
Mijn winter met mij deelt.

Refrein: (als boven)

 Naar versjes-menu