Om het hardst
Ik liep je tegen het lijf
jij zei meteen blijf
en ik bleef er haast in
jij verspilde geen tijd
en ik stond in het krijt
al vanaf het begin
ik dacht bezorgd aan een ziekte die moeilijk geneest
er waren er, ik weet niet hoeveel, al voor mij geweest
Ik keek naar de vaas
de asbak ernaast
tot de rand tot gevuld
uit nervositeit
of inhaligheid
wie of wat krijgt de schuld?
bij een vrouw zoals jij kom ik nooit uit de verf
is het die wolk parfum die alles bederft
Veel te kort of te lang
al die noten op je zang
weinig aanmoediging
voor een vonk tederheid
wat plezier wederzijds
het ging niet naar je zin
meestal ben ik al weg voor het echt pijnlijk wordt
ik hou niet van afzien voor niks
zelfs niet voor de sport
Ik stond weer op straat
beduusd van de haat
die ik achter me liet
jij richtte je mond
als een snelvuurkanon
op vijandig gebied
als je bedreigd wordt, snap ik dat je een vijand bestrijdt
maar waar ik niet bij kan
is dat je er dan toch eerst mee vrijt