HALLO IK BEN BEP BARROW

Ben in 1938 geboren in Rotterdam. Ben gehuwd heb vier kinderen ,vier schoonkinderen en acht kleinkinderen.
Ik heb verschillende hobby's. Zoals muziek spelen, accordeon, gitaar en ook zit ik nog wel eens achter
een keyboard. Zingen dat heb ik mijn hele leven gedaan zolang ik mij kan herinneren. Meest op verjaardagen en ook veel met de kinderen. Zing nu nog wel maar laat het meestal aan de kinderen over. Ik zing wel met ze mee hoor. Ben ook begonnen met al de liedjes die ken op te schrijven.
Dat vonden de kinderen leuk dus ben ik daar een paar jaar geleden aan begonnen ,
Maar ik ben nog steeds op zoek naar liedjes die ik gedeeltelijk ken. Haken en breien is ook een van mijn hobby's, maar de naalden heb ik voorlopig in de kast gelegd. 
Afgelopen  januari zag ik een site op de computer met oproepjes voor liedjes en gedichtjes.
'k Ben gelijk wat liedjes op gaan vragen en heb toen ook mijn eerste gedichtje gestuurd.
Ik had eigenlijk nog nooit gedichtjes geschreven, Maar ik vind het erg leuk om te doen. Koken doe ik ook graag het liefst voor veel mensen.  Dat komt misschien om dat ik uit een groot gezin kom van negen kinderen
Zodat is het wel zo'n beetje. Ik hoop dat jullie van de gedichtjes zullen genieten.

De nieuwste gedichtjes komen steeds bovenaan te staan

Even aan het beekje zitten
Met mijn voeten in het water
Het water is ijskoud
Een heerlijk gevoel,dat stromende water
Het spoelt mijn voeten schoon
En ook mijn gedachten
Ik hangt achterover
En kijk naar de stralende zon
Ik voelt die heerlijke warmte
De kou van het water voel ik niet meer
Maar de zonneschijn verwarmt mijn gedachten
En ook mijn ziel
 
Ze dachten dat ze het goed hadden gedaan
Maar het zegt jullie totaal niets
Dus al die jaren bleken voor niets geweest te zijn
Dat doet hun veel verdriet
Maar het zal niet zo zijn
Al doet het pijn dat zij de jaartjes
Die hen nog resten
Hun leven met deze gedachten laten verpesten
Want er komt een tijd tot je spijt
Dat je ook voor hen niet meer zult tellen
En dan kan je ondanks je verdriet
Niet meer even naar hen bellen
Maar als je dan verdriet voelt en pijn
Kijk dan naar de hemel
Want er zal altijd in het heelal een ster zijn
Die met je meevoelt en verzacht die pijn
 
Hallo hier ben ik dan weer
We waren even een weekje naar Frankrijk
Met een vriend
het was prachtig weer
Maar zo je ziet nu ben ik er weer
 
Even op een bankje zitten
En kijken naar het prachtige schitteren
Van de ondergaande zon op het water
Het zijn net sterren die je ziet bewegen
En het drukke geluid van de boten in de haven
Geeft je een heerlijk gevoel
Dat je dat nog kan beleven
En het geeft je een kalmerend gevoel in je leven
 
Twee jonge duifjes in een nestje op het balkon
Ma verzorgde hen zo goed ze kon
Maar wij konden ook wat doen
Beschermen tegen de hete zon
We zagen ze elke dag groeien
En dat bleef ons steeds boeien
Maar dat was niet iets wat lang zou duren
Want ze vlogen uit
Zien wij volgend jaar misschien van hen een spruit
Dankbaarheid is ver te zoeken
Maar dat maak niet uit
Je neemt nu zelf een besluit
Dat je even aan je zelf ga denken
Het kan dan egoistisch lijken
Maar dat zal later wel blijken
 
Elk woord wat ze schrijf bevat een traan
Wat heeft ze in het leven toch fout gedaan
Vaak heeft ze veel met onbegrip moeten bekopen
Ze dacht dat het over zou gaan
Daar bleef ze op hopen
Maar hoe verder de tijd verstrijkt
Hoe minder ze daarop kan hopen dat blijkt
Dus laat ze haar tranen rollen
Over de strijd die ze schrijft
 
Het leek zo'n mooie dag te worden
Zittend voor de tv
En kijken naar het geen wat je
elk jaar weer doet bekoren
Maar de schrik sloeg mij om het hart
Maar het verdriet en de pijn blijf voor hen
Het is keihard
Maar ik weet wel dat er heel veel met hun verdriet meeleven
En hoop dat het een lichtpuntje
Zal zijn voor later in hun leven
Heel veel sterkte
 
Neem afstand van het geen wat je plaagt
Want dat blijft altijd een vraag
Die je niet kunt beantwoorden
Maar door die afstand
Ben je wel wijzer geworden
Maar dan blijft er toch die vraag
Waar je steeds door wordt geplaagd.
 
Voor eeuwig afwezig
Maar toch zal je er altijd zijn
Het geef jou de eeuwige rust
Maar hun voor altijd pijn
 
Sluit hem niet buiten je hart
Want dat zal later pijn doen
Want maak jij die keus
Hij heeft geen keus
En dat zal hem altijd pijn doen
Dus in gedachten zal jij hem altijd steunen
En op zijn oude dag
Geef je hem een schouder om op te leunen
 
Je loopt onder een bloementoog
Rechtdoor naar de regenboog
Je ogen worden verblind
Door al die kleuren
En je ruikt die heerlijke geuren
Maar is er nog een weg terug?
Dan moet je die nemen heel vlug
Want loop je door die regenboog
Dan is er geen weg terug tot je spijt
En zal je verdwijnen in de eeuwigheid
 
Ik keek naar de lucht
En ik zag daar vogels op hun vlucht
En waar ik stond
Zag ik een vogel op de grond
Vlak naast mijn schoen
Ik zag dat er iets niet klopte
Maar wist niet wat ik moest doen
Toen ik in een bosje vlakbij
Hoorde piepen
Ze lagen met z'n drietjes op de grond
En één was er gewond
Het nestje was helemaal scheef gezakt
Ik pakte het beet en zette het
Weer goed op de tak
Even de jongen er weer ingezet
De kleintjes begonnen om hun mamma te roepen
En mamma kwam even op mijn schoen zitten
Om mij te bedanken en te groeten
 
Hebben jullie dat ook wel eens
Dat je je ouder gaat voelen
Hebben jullie dat ook wel eens
Dat je niet meer weet wat ze bedoelen
Of zou het zo kunnen zijn
Dat je ouder wordt
Zodat zij niet meer begrijpen
Wat je voelt en bedoelt
 
Wat is het toch fijn
Dat mensen je kunnen helpen
Met liedjes uit het verleden
Dan kan je zien
Dat oude liedjes nog leven in het heden
 
Een tranendal
Een rivier vol verdriet
Een waterval vol ellende
Die niemand ziet
Een berg van onzekerheid
Maar je neemt dat niet mee
Naar de eeuwigheid
 
Jaren leefde je in rust en stilte
Dat was iets wat je altijd wilde
Maar één keer in de zoveel tijd
Die drukte om je heen
Dan was je niet meer alleen
Dan was dat ook weer heel fijn
En was het verlangen naar die stilte
Maar schijn
 
EEN BLOEMBED OP DE WOLKEN
Wolken in de lucht
Je kiest een wolk zo mooi
En blijft er naar kijken
Je wilt niet dat hij gaat wijken
Dan zie je die wolk als een bloembed
Je kiest de mooiste bloemen uit
En zet ze dan op die wolk uit
Die bloembed wordt belicht door de zon
Maar je weet dat hij verdwijnt
Achter de horizon
 
Het gaat voorbij al die dromen
Het maakt je angstig
Omdat jou dat is overkomen
En als je weer met beide voeten
Op de aarde staat
Dan weet je dat die droom jou verlaat
Want zoals ik al zij
Die droom gaat voorbij
Op zoek naar allerlei liedjes
Het doet mij aan vroeger denken
Maar het maakt mij ook verdrietig
Hoe wij zongen met onze ouders
En als je nu denk jaren later
Wat was het toch fijn
Om samen te zijn
Met de hele ploeg om de tafel
Heerlijk smullen met een goedkope ijswafel
Of een pan met mossels op tafel
Pa was dan scholletjes aan 't bakken
Dat rook zo heerlijk
Dat we ze gauw wilde pakken
Dan zei Pa even wachten heel streng
Wachten tot ik ze breng
Dan kwam hij lachend binnen
En konden wij lekker beginnen
 
Toch mis ik hen nog steeds
Onze Luky met een lief karakter
Die kleine bengel Negrita, die kleine rakker
En zie ik soms hun evenbeeld op straat
Dan denk ik steeds neem er weer één
Maar nee daarvoor is het te laat
Want ze kunnen hen niet vervangen
Al zijn ze nog zo lief
Onze liefde bleef bij hen hangen
Maar het doet pijn
Dat ze niet meer bij ons zijn
 
Een kind met een eigen karakter
Maar met een sterk karakter
Dat wordt niet altijd in dank afgenomen
Ze zal altijd moeilijk te begrijpen zijn
Maar die scheiding 's lijn
Doet veel meer pijn
 
Ze dwingen je om te kiezen
En dan weet dat je de helft gaat verliezen
Het is net als een gebroken hart
Die in twee delen wordt gehakt
De duisternis valt vroeg en het mist
Het is grauw en koud buiten
Maar in mijn warme huis
Sluit ik alles buiten
Want daar is warmte en licht
Maar komen er donkere gedachten 
In mijn hoofd of mist
Dan loop ik naar buiten
En wordt één met die mist
Nog even dan is de lente weer in 't land
En zetten al onze zorgen aan de kant
Dan komen de bossen
En de bloemen weer in bloei
Dan zie je de kinderen
Weer spelen op het gras en op de hei
Of is dat een droombeeld van mij
Want zijn die zomers van vroeger voorbij
 
Een vriendin in de verte
Één waar je op vertrouwen kan
Die nooit je vriendschap zal beschamen
En waar je op leunen kan
Je ziet elkaar niet
Maar ik weet wel al doet het soms pijn
Dat wij in gedachten en gevoel
Steeds bij elkaar zullen zijn
 
De winter is voorbij
Nee toch het is nog Januari
De temperaturen lopen op
En de schaatsers hebben strop
Maar het is nog vroeg in het jaar
Dan kan het toch zijn
Dat de temperaturen dalen
Dan kunnen de schaatsers weer lachen
En wij nog even op de zon en warmte wachten
Maar als je ze ziet met al die pret
Ik gun het hen van harte
 
Wat dachten jullie bij jezelf
Dat ik er niet meer was
Nou ik kan je wel vertellen
Ik begin pas
 
Soms kijk ik om me heen
Of kijk ik in de verte
Dan zie ik een ster stralen
En weet dat die mijn leven zal bepalen
Want ook die ster zal mij verder begeleiden
Om naar een zekere toekomst af te glijden
Nog een paar jaartjes vol geluk
En niet meer onder zorgen gebukt
Dan kan ik zeggen zo ik ben klaar
Maar denk dan bij mezelf
Ja was het maar waar
 
Net met ons van de vakantie terug
En het was gelijk raak
Ze was op haar fiets
En werd door een auto geraakt
Gelijk naar het ziekenhuis
Vijftien krammen in haar hoofd
Een klap op haar rug
Ze was erg verdoofd
Ze voelde zelfs geen pijn
Maar de andere dag bleek dat maar schijn
Maar de bestuurder reed door
Maar wij zijn er voor haar en gezin hoor
Dus even druk
Maar daar gaan we niet onder gebukt
 
Wat was het toch heerlijk
Zittend op het balkon
Kijkend naar de opkomende zon
Het was nog wel even fris
Maar geloof het
Een uurtje later die heerlijke warmte
En dat in December
Dat hadden we niet verwacht
De glans van de zon op het water
Zelfs mensen op het strand
Zaten daar met elkaar te praten
Maar nu weer thuis
In de kou dat was niet iets wat ik wou
Maar nog een paar maanden
Dan heel vlug weer terug
 
Kijk je vader en broer eens sjouwen
Maar het was toch vlug gedaan
En natuurlijk de andere allemaal die je hebben geholpen
Ik maakte alleen een hap eten
Ik kan niet meer sjouwen
Maar jullie hebben lekker gegeten
 
Tranen rollen over je wangen
Je voelt dat je alles verliest
Je voelt dat je voor altijd bent vervangen
En dat doet je verdriet
Maar als je zeker weet
Dat ze oprecht gelukkig zijn
Dan aanvaart je hun geluk
En jou verdriet en pijn
 
Als je terug denk aan de jaren
Vol van vriendschap en geluk
En ook nu denk aan de gevaren
Waar je als kind ging onder gebukt
Dan is het goed om te weten
Dat zij je niet zijn vergeten
Die je vriendschap gaven en geluk
Als gewelven zo mooi
Zie ik de zonnestralen naar beneden komen
En tussen wat wolken door
Is het net of ik muziek hoor
Het geluid van de wind
Die mijn aandacht trekt
Een heerlijk geluid die rust opwekt
Zo zie je maar
Welk type weer het ook is
Het kan je bekoren elke dag van het jaar
 
Open staan voor ieders problemen
Je heb het geprobeerd
Open staan voor ieders verdriet
Je bezong dat altijd met een lied
In al die jaren van je leven
Heb je geprobeerd veel vreugde te geven
Je heb dat uit liefde gedaan
En je hoop dat dit voort
Blijf bestaan
 
Een gedichtje voor mijn dochter
Een kindje de lichtste van allemaal
Wat waren ze blij
Ze was voor hen een zonnestraal
Het kindje is ouder geworden
Met veel zorgen en pijn
Zou ze nog die zonnestraal
Voor hen zijn
 
Wie zijn je naasten
Waar je liefde van verwacht
Ja dat zijn je naasten
Maar je kunt je niet
In hun gedachten verplaatsen
Want hoeveel je er ook van verwacht
Zij leven hun leven
Jij trekt je terug
Maar het is toch de liefde voor hen
Die alles overbrugd
Dan aanvaard je alles wat je tegen komt
Hoe moeilijk het ook valt of is
Je aanvaart het
Maar er is wel een gemis
 
Soms duurt  het even
Om iets op papier te zetten
Je heb verdriet
Maar dat moet je opzij zetten
Dan kom je er weer uit
En lach je weer breed uit
Want wat er ook gebeurt
Niet getreurd
Want na verdriet en pijn
Komt toch altijd zonneschijn
 
Het leven is kort
Maar de dagen zijn lang
En het maakt je soms bang
Maar denk maar eens na
Want hoe langer de dagen zijn
Dan is het idee van je korte leven
Maar schijn
 
Een leven met oprechte Liefde en vriendschap
Zonder geweld
Dat is toch wat er in het leven telt
Want als niemand dat in het leven ziet
Dan bestaat de wereld alleen uit verdriet
Zal er dan ooit nog een klein plekje op aarde zijn
Met vriendschap en liefde
Zonder pijn
 
Eens moet je kiezen
Tussen een droom
Of een besluit
Maar waar je ook voor kiest
Die droom komt nooit uit
Dus kies je voor een besluit
Dan heb je een herinnering in je leven
Dat je kunt denken
Ja mijn droom kwam toch uit
 
Als de bladeren van de bomen vallen
Dan wordt de mens
Wispelturig en ongedurig
Maar het is iets wat voorbij gaat
Net als de kale bomen
Die daarna weer in bloei komen
Zal bij de mens de rust weer terug komen
Zo zal het ieder jaar gaan
Want het is toch een deel van je bestaan
 
Een donkere hemel
Met duizenden sterren
En een lachende maan
Als je daar naar zit te kijken
En even tot rust kan komen
Heerlijk weg dromen
Tot de late uurtjes
En de andere dag
Weer heerlijk aan de slag
Een vraag die ik wil stellen
Waarom moet je iemand kwellen
Zeg het gevoel van je medemens je niets
Of is het leven van jou enkel een spel
En daarom die medemens steeds maar kwel
Ik heb me dat steeds afgevraagt
En werd er innerlijk steeds door geplaagt
Maar ik begrijp het nu wel
Want het leven voor jou is enkel spel
Die je altijd kan blijven spelen
Maar dat je steeds mensen zal verliezen
Dat merk je niet direct
Maar later krijg je dat voor je kiezen
Maar dan is het te laat
Dan is het zo dat iedereen jou verlaat
Dan zal je terug denken aan die tijd
Maar dan is het te laat voor spijt
Want dan zullen er velen niet meer leven
Die jou dat kunnen vergeven
Maar dan begrijp jij pas
Wat die anderen hebben moeten beleven
Het zal pijn doen
Maar denk dan maar aan toen
 
Je herinneringen gaan ver terug
Het is net of al die herinneringen
Die jaren overbrug
Je kan iets van kort geleden vergeten
Maar dingen die in de verte liggen
Die ben je niet kwijt
Je laat ze steeds terug komen in je gedachten
En denk er soms aan hele nachten
Hoe mooi het toen was
Maar je moet vooruit
Over die lange brug
En al blijf je aan die tijd denken
Die komt nooit meer terug
Verdriet straalt uit je ogen
Verdriet wat een ander niet ziet
Maar weet dat jij met je ogen
Ook altijd de zonzijde ziet
Want niets krijg je klein
Ondanks die pijn
Want weet wel
En dat meen ik oprecht
Hoe zwaar het ook zal wezen
Maar jij wint het gevecht
De herfst is weer gekomen
Je ziet het aan de natuur
Vooral aan de bomen
De blaadjes zijn aan het verkleuren
Er zijn nu die heerlijke geuren
En gaan ze van de bomen vallen
Dan hopen we dat over een poosje
De takken bedekt zullen worden
Met witte vlokken
Die je dan weer naar buiten lokken
 
Het is guur buiten
En het waait hard
De regen stroomt over de ruiten
Maar het is wel iets aparts
Want als je de druppels volgt met je ogen
Dan zijn het net pareltjes
Dat komt omdat er lichtjes op schijnen
Het is net of ze met elkaar spelen
Het zijn er velen
Maar als de lichtjes uit gaan
Dan is het ook met de pareltjes gedaan
 
De zon gaat weer schijnen
De wolken verdwijnen
Het schenkt vreugde in je leven
En het is iets wat je altijd zult beleven
Elk mens heeft zorgen en kent verdriet
Maar zorg dat je altijd de zonzijde ziet
En komt er een dag met verdriet
Dan weet ik zeker dat er mensen zijn
Die delen in jouw verdriet
Jou weer helpen op te staan
En weer verder in het leven te gaan
 
Al zijn het maar een paar woordjes die ik op schrijf
Maar ze blijven in mijn gedachten hangen
Als op een harde schijf
Dat is het mooiste als ik schrijf
Dat alles in mijn gedachten blijft
Maar als er een tijd gaat komen
Dat ik alles ga vergeten
Dan hoop ik dat er mensen zijn
Dat wat ik geschreven heb
Niet zullen vergeten
 
Een huis boven op de berg
Met uitzicht over zee
Omgeven door bossen
Waar rust heerst en vree
Dat zijn hun toekomst beelden
Waar zij naar streven
Ik hoop dat hun dromen
Eens uit zullen komen
Want zij verdienen het
Met hun harde werken
Dan kunnen zij naar hun droomwereld vertrekken
 
Eenzaam en verlaten
Niemand om mee te praten
En je voelt dat alles aan het veranderen is
Je voelt het als een gemis
Maar je moet het accepteren
Dan komt er een tijd
Dat niemand je kan deren
Je neemt een besluit
En schakelt alles uit
Dan krijg je in de gaten
Dat je niet meer eenzaam bent
En verlaten

 

Een keiharde (uiterlijk)
Een egoïst (uiterlijk)
Gevoelloos (uiterlijk)
Meedogenloos (uiterlijk)
Maar met een hart van goud innerlijk

 

Een volle haven
Dat was je thuis
Een veilige haven
Daar voelde je  je thuis
Maar nu zijn alle schepen uitgevaren
Over rustige wateren
Maar ook woeste baren
Dat brengt het leven mee
Maar ben je op zee
Denk dan nog maar eens terug
Aan die haven
Die je tot rust bracht
Na verschillende gevaren
 
Als je voelt dat je alles verliezen gaat
Waar je altijd voor hebt geleefd
Dan wordt het tijd dat je kiezen gaat
Voor een leven dat niemand met je deelt
Kies dan de wijste weg
En ga dan weg
Kies dan je leven
Zoals jij hebt willen leven
Zodat je ouder kunt worden
Zonder zorgen

 

Een leven vol tranen
Zittend voor de ramen
Ze proberen hun verdriet weg te slikken
Hoe lang moeten zij het nog pikken
Ze hadden toch meer van hun oude dag verwacht
Die hun meer vreugde had gebracht
Langzaam aan hebben ze geen tranen meer
En keer op keer doen ze het weer
Hun verdriet weg slikken
Hoe lang kunnen zij dat nog volhouden
En blijven pikken
 
Je denkt dat je alles kunt zeggen
En iedereen je wil op kunt leggen
Maar begrijp wel
Dat je velen mensen kwelt
Die je in hun hart hebben gesloten
En wat je ook deed
Nooit hebben verstoten
Maar als zij er niet meer zullen zijn
Dan komt bij jou de pijn

 

Om mensen te begrijpen
Moet je goed naar ze kijken
In hun ogen kijken
En voelen wat zij voelen
Dan moet je goed naar ze kijken
Zullen ze jou dan ook begrijpen
 
Vreugde en verdriet
We zien het bij zo velen
En het is iets om het samen te delen
Dan is die duisternis weg
En zal de zon gaan schijnen
Want vreugde en verdriet
Dat is iets wat je bij ieder mens ziet

 

Ouder worden dat is geen punt
Jong blijven dat is een stunt
Maar zou ik mogen kiezen
Dan wil ik mijn jonge tijd verliezen
Om verder te gaan in de tijd
En te blijven leven voor altijd

 

Twee duizend acht
Wat een pracht
Want we zijn zo klein
Maar ze deden het goed en fijn
Niet alleen fijn
Maar groots
Dat was in hun gedachten
Wat ze ons hebben beloofd
Ze hebben gevochten voor hun medailles
Het was voor hen brons zilver of goud
Maar voor ons land
Schitterde zij als een diamand

 

Eens als ik weer los komt
Dan voel ik me vrij
Dan kan ik weer mens zijn
In de maatschappij
De vogeltjes zingen
Als 't ware voor mij
Een lied van verlangen
Vrij , Vrij ,tezijn

Ik had éénmaal lief in mijn leven
Maar hij die mij steeds beloog
Ik wil niet meer denken niet even
Hoe hij mij steeds bedroog
Want als ik daaraan wil gaan denken
Dan doe ik een moord uit nijd
Want hem die ik lief had
Of haat voor altijd
Ik wil mijn gedachten kwijt
 

Als je ze ziet vliegen die vlinders
Met vleugels als satijn
Met allerlei bonte kleuren
Die de velden op fleuren
Dat is leven in de natuur
En dat is mooi dat is puur
De visjes in de beek
met hun zilvere kleuren
En de bloemen in het gras
die zo heerlijk geuren
Dat is toch prachtig
En het verhelderd heel je gedachten

 

Kan je 's nachts niet slapen
En lig je zachtjes te praten
Voel je ,je eenzaam en verlaten
En alles om je heen gaat haten
Denk dan aan mooie dingen
Die je dan dwingen
Alles te vergeten
En dan zal je zelf begrijpen en weten
Dat er rust zal komen in je leven
En dat je alles niet zal vergeten
Maar wel zult vergeven

 

Een klein hoekje
Waar je je in wilt verbergen
Je verwachte een leven vol zonneschijn
Maar je had niet alleen verdriet
Maar ook veel pijn
Je hebt het toch gehaald
Want er is een ster die straalt
Die je tot het einde zal geleiden
Dan hoef je ook nooit meer te lijden

 

Een wereld vol liefde
Maar ook vol verdriet
Een wereld vol zonneschijn
Die de mens vaak niet ziet
Maar neem de wereld vol liefde verdriet en pijn
Dan komt er een dag in je leven
Vol zonneschijn
Zonder verdriet en pijn
 
Het is hartje zomer
Maar het lijkt wel herfst
Het regent en het waait
De zomer is wel verlaat
Maar ik hoop
Voor de mensen in hun tentjes
Dat de zon
Weer gauw aan de hemel staat

 

Ik zit aan de rand van het bos
En hoor een merel zingen
Hij zingt er heerlijk op los
Daar aan de rand van het bos
Er komt een antwoord uit de verte
Het klinkt zo helder rein en mooi
Het doet mij aan een liedje denken
Ik hoop dat het gezang van de vogels
Jullie ook zoveel vreugde schenken

 

Een nieuwe dag
En voor de zoveelste keer
Regent het weer
Er gaat geen dag voorbij
En dat maakt mij niet blij
Maar er is mooi weer voorspelt
Daar kijk ik naar uit
Want dat is toch wat telt
En met wat zonneschijn
Voor ieder mens
Dat is toch het genen wat U ook wens

 

Een lied dat klinkt in mijn oren
Een lied wat ik steeds bleef horen
Een lied vanaf de dag dat ik ben geboren
Maar nu ik ouder ben
Kan ik het me niet meer herinneren
Maar ik weet dat het bestaat
Ik heb er veel over gepraat
Maar niemand kon mij helpen
Ik heb er jaren aan gewijd
Het heet ,wat is de wereld wijd

 

Weet je nog van vroeger
Als je uit eten ging
Dan had je het altijd naar je zin
Lekker één keer in de maand
Buiten de deur eten
Want dat kon je nog betalen
Even een chineesje pakken
Heerlijk eten en dan onderuit zakken
En daar tussendoor een peukie roken
Maar dat is nu verboden
Het praten onder het eten door
Dat is wat je niet meer hoor
Het is voor de rokers een ramp
Het lijk wel een concentratiekamp
Het is nu vlug je eten naar binnen schrokken
Wat een heerlijk avondje uit moest worden
Is nu voor veel mensen een handicap geworden
De niet rokers kunnen we begrijpen
Maar worden de wel rokers begrepen?
Je mag niet meer roken wordt er gezegd
En er wordt weer één van die wetten opgelegd
Ja Ja vrijheid blijheid in ons landje
En er komt nog veel meer reken maar
Want er is nog veel meer aan het handje
Dus niet meer uit eten gaan
Dat is voor de gewone mens van de baan
 
Ambitieus en fanatiek
Dat zijn twee woorden
Maar ook twee begrippen
De één moet je koesteren
De ander uit je leven wippen
Want heb je van de één te weinig
En van de ander te veel
Dan krijg je gegarandeerd
In je leven ooit je deel

 
Dat was even pech
Vijf weken slecht
Soms één dag zon
En dan verdween hij achter de horizon
Wind en plensbuien
Bliksem wat een gedonder
Wat het strand moest zijn
Was één waterplas
Maar we hielden de moet er in
En hadden het toch naar ons zin
Ja eindelijk de laatste twee weken
Maar toen was de vakantie om
En moesten wij terug
Dat was even pech
 
Een zandstorm die wordt gevormd
Door de natuur
Een zee van vlammen
Die de aarde op warmen
Sneeuw en ijs wat er op volgt
En in ons hart is er die warmte en die kou
Maar ondanks alles en die verschillen
Blijf die ene regel bestaan
Ik hou van jou
 
Even op een bankje zitten
En luisteren naar de natuur
Dan herken je zoveel dingen
En hoor je de vogels zingen
Je kijk naar de bomen
En herkent ze direct
Vogelkers en de lijsterbes
De beuken en de eiken
De mei bloesem met hun mooie kleuren
Die zo heerlijk geuren
Dan kom je weer bij je positieven
En denk bij jezelf
Is dat alles bij elkaar
Wat we gaan verliezen ?
 
Een aardbol die draait
Een wereld waarop wij leven
Dat is iets wat ons is gegeven
Een levens licht
Die ons verplicht
Er zuinig op te wezen
 
Tranen kunnen over je
Wangen lopen van verdriet
Want hoe scherp is het
Dat je de toekomst ziet
Je kunt beter niet in de toekomst kijken
Want kijk je vooruit
Dan zal al heel gauw blijken
Dat je niet in de toekomst kunt kijken
Maar kijk niet in het verleden
Want dan is het toch beter dat heden
Wees niet negatief maar positief
Dan kan je alles aan
En dan is het met het negatieve
In je leven gedaan
En kun je wat er ook gebeurd
Met je leven verder gaan
Een levensles die ik niet heb geleerd
Maar wel heb ondervonden
Hoe komt het toch
Waar je jaren niet bij stil hebt gestaan
Naar plaatsen verlangt van vroeger
Is het omdat je ouder wordt
En die jaren hebben afgedaan
Maar als je terug denkt
Dan is het net of de tijd heeft stil gestaan
Dan komt alles helder voor de geest
Het is net of die tijd nooit is weg geweest
Het is of je net bent geboren
En nooit ouder bent geworden
De ene dag denk je
Dat het hartje zomer is
En de andere dag denk je
Dat je aan het randje van de Noordpool zit
De ene dag met je badpak in de zon
De andere dag
Met je badpak in een warm water bron
Het kan niet gekker
Maar al is het de ene dag de zon
Of de andere dag de warm water bron
Het lijk me wel lekker
Je vervelen
Kan vervelend zijn
Daarom zorg je
Dat je altijd bezig bent
Maar als je te veel bezig bent
Met wat je ook doet
Kan het ook vervelend zijn
En dan ga je
Je toch weer vervelen
Dus hoe je het ook wendt of keert
Als je een ontevreden mens bent
Dan gaat het meestal verkeert
Is het nog mogelijk
Op deze wereld te leven
En als je op straat loopt
Het dan te overleven
Het is voor mij steeds een vraag
Die mij dagelijks plaag
Je durft niet vrolijk en blij
Om je heen te kijken
Want dat kunnen ze het niet begrijpen
Je loopt met een gebogen hoofd
En je voelt je verdoofd
Je loopt vlug naar huis
Want daar voel je je thuis
Maar als ik me niet vergis
Is het daar ook vaak mis 

 

Wij knappe meiden Cato en Jet
Doen hier de keuken
Vlug en net
Hutsen en prutsen
Met veel beleid
Druk als we het hebben
Het is een aardigheid

Wat zal het wezen kokkinne klein

Het Zal voor een keertje weer hutspot zijn

Wat al weer hutspot van hier en daar
Maak toch eens iets anders klaar

Hutspot mevrouwtje en anders niet
Puik beste hutspot een heerlijk iets
Als je zult proeven die fijne brij
Dan lik je je vingers nog af er bij

Niets met die hutspot die laat ik staan

Nou dan moet je maar bij een ander eten gaan
Want ik wil wel koken
maar ben niet gek
Ik werk hier niet voor een lekkerbek
Het was een aardig sneetje
maar dat maakt voor jou niets uit
Dat weet ik wel zo'n beetje
Je gaat gewoon door
Omdat je plezier hebt  in je werk
Ga je er voor
sterkte met je vinger
Ma  
Een golvend wolkendek
Ze lijken op de golven van de zee
Sluit even je ogen
En de golven nemen je mee
Het geef je een heel fijn gevoel
Maar als het stormen gaat
En alles wordt wispelturig
Dan doe je je ogen open
En hoop dan vurig
Dat alles weer rustig wordt
En kijkend naar dat wolkendek
Dan weet je dat je rustig wordt
Al klinkt het gek

Ik weet niet veel te verhalen
Daarom moet ik de dagen bepalen
Dat ik weer een gedichtje schrijf
Over het leven van ieder mens
Dat is niet te doen
Want je weet niet ieders wens
Wel dat ze naar gezondheid snakken
maar dat kan niet ieder pakken
Daarom is het haast niet te verhalen
Om de wens van ieder mens te bepalen

Even heerlijk dagdromen
Dat is mooier
Dan je dromen in de nacht
Want als je 's morgens wakker wordt
Is er niets meer
Dat jij je herinnert
Geen enkel woord
Maar dagdromen
Blijven steeds terug komen
Dat is toch het mooiste
Wat je kan overkomen
Als je denk dat je
Je taak hebt volbracht
Dan is er steeds weer
Een nieuwe taak die op je wacht
Die je dan met liefde wilt volbrengen
Maar dan komt er een tijd, tot je spijt
Dat het niet meer wordt gewaardeerd
Want dan doet
Hoe goed je het ook bedoelt
Alles maar dan ook alles verkeerd
Doe dan wat stappen terug
Maar ga niet op de vlucht
Vragen en nog eens vragen
Je stelt steeds maar vragen
Maar je bent jezelf
Er alleen maar mee aan het plagen
Daarom zet je die vragen maar opzij
En zet ze uit je gedachten
Dan maar wachten
Tot er vragen komen
Ja vragen en nog eens vragen
Zelfs tot in je dromen
Maar zal er ooit een antwoord komen?
Je moet nooit je gordijnen sluiten
Want dan is het net of je de boel verduistert
Je wilt zon en licht in je leven
En dat intens beleven
Want leef je in duisternis
Dan is er echt veel mis
Zet het opzij
Dan schuift de zon
De duisternis voorbij
Als ik terug denk aan mijn jeugd
Een stads meisje wonend in de bossen
Ik voelde mij daar vrij en blij
Vooral de wandelingen op de hei
Maar ook was ik wel eens ondeugend
Want bomen klimmen deed ik graag
Ja en dan komt de vraag
Wat deed je in de bomen
Ik zat daar echt niet te dromen
Maar was daar
De nestjes van de vogels leeg aan het maken
Om ze leeg te blazen
En er een ketting van te maken
Ik moet er nu niet meer aan denken
Want ik zou ze graag de eitjes
Terug willen schenken 
Wat is het toch fijn
Als mensen nog hoop kunnen putten uit liedjes
En dat het dan fijne herinneringen zijn
Het verzacht vaak het verdriet
Die je liever niet voelt of ziet
Maar zo iets zal je hoop geven
En dat is waar het om gaat in je leven
IK schrijf vaak over de maan en de zon
De sterren en het weer
Maar het hart is toch wel
Het belangrijkste voor de mens
Want ieder wil toch een goed hart
Dat is voor allen toch een wens
Een goed hart letterlijk en figuurlijk
Dat wens ik ieder mens natuurlijk
Als iedereen dat laat blijken
Dan kunnen we naar een goede toekomst kijken
De maan en de zon
Ze lijken op elkaar
De één straalt liefde uit
Met zijn olijke lach
En de ander straalt warmte uit
Die heeft veel fleur
In ons leven gebracht
Weet je nog van vroeger
Met z'n allen rond de tafel
Wachtend op moeder
Die dan met een schaal gekookte eieren kwam
Nou dan was het hek van de dam
De eieren met mooie kleuren beschilderen
Dat was het een ieder wilde
Dan werden ze buiten verstopt
Ja hoor en dan iedereen er bovenop
Allen zoeken naar de eieren
Er was dan ook wel eens een jaar met sneeuw
Nou dat was dolle pret
En we stoeiden als een leeuw
En hadden we de eieren gevonden
Dan was het tijd dat we naar huis konden
De kleuren van de eieren waren verbleekt
Maar zo'n herinnering
Is iets wat nooit verbleek
Vallen en opstaan
Dat is een leerproces
Het gaat je hele leven door
Denk niet bij je zelf
Daar ben ik te oud voor
Want vallen en opstaan
Dat leerproces
Is vaak een hele goede levens les
Tranen de vrije loop geven
Dat doe je vaak in je jonge leven
Dat kan echt geen kwaad
Als het de lust om te leven
Maar niet schaad
Want ook voor jou zal die zon schijnen
En dan zullen ook je tranen verdwijnen
Je heb rare vogels op de wereld
Een mus een kraai
En ook nog een ekster
Maar de mens is toch wel de gekste
Kan je niet meer lachen
Of vrolijk zijn
Is dat zo moeilijk
Voel je dan zoveel pijn
Als dat zo is
Dan is het wel te begrijpen
Maar er zal een ogenblik
Weer in je leven komen
Dat het over zal zijn die pijn
En dat je weer kan lachen
En vrolijk kan zijn
Je wilt zo graag bergen verzetten
Maar kijk uit
Want eens raakt het op
En voor je het weet
Zit je aan de top
Wateren hebben diepe gronden
Karakters zijn zelden te doorgronden
Maar water is doorzichtig
Daarom wees altijd voorzichtig
En denk niet ik
Want die ander heeft meestal een scherpere blik 
Een zware storm
Die zal veel voor komen in je leven
Maar als zo vele stormen
Zullen ze je rust geven
Dat merk je later
Dan is het net een storm
In een glas water
Als bloemen geuren gaan
Dan is er geen tijd om te treuren
De heerlijke geur van de lente bloesem
De kleuren van de bloemen
En de zon die straalt
Een heerlijke wandeling
Dan is het niet erg dat je verdwaalt
Je vindt vanzelf de weg terug
Als je de geur van de bloemen volgt
En even je ogen sluit
Dan weet je
Je moet recht vooruit
Jeugdig willen zijn
Dat hoeft niet altijd in je jeugd
Want elke leeftijd heeft toch zijn deugd
Dat merk je als je ouder wordt
De meeste denken dan
Dat je niet spoort
Maar ik weet wel beter
Want hoe langer geleden je jeugd
Hoe beter je deugd 
We kregen in het leven
Niets voor niets
Dat hadden we al jong in de gaten
En we hebben ons verdere leven
Een hoop moeten laten
Maar we hebben er geen spijt van
Dat we dat hebben gedaan
Want we zien dat alles goed
Op zijn pootjes terecht is gekomen
En daar kunnen tegenwoordig
Velen alleen maar over dromen
En nu we ouder zijn geworden
Gaan we er voor
We gaan met zijn tweetjes heerlijk door  
Als ik voor mij uit zit te staren
En ik voel verdriet
Dan pak ik mijn gitaar
En zing een lied
Wat is er mooier in het leven
Dan zo'n instrument
Die je dan weer vreugde kan geven
En heus dan ben ik in mijn element
Een vrolijk lied ,of een verdrietig lied
Het maak niet uit
Maar ik kan in ieder geval
Dan weer een tijdje vooruit
Ze leeft voor zich zelf ja ja
Dat wilde ze doen
Maar steeds weet zij zelf
Dat ze dat niet kan doen
Er zijn zoveel dingen
Die haar dan dwingen
Om steeds iets voor een ander te doen
Ze doet dat dan met blijdschap en liefde
Maar ook uit goed fatsoen
Wat doet het toch pijn
Als je voelt dat ze niet oprecht zijn
Maar ik heb heel lang
Jaren maanden en dagen
Deze pijn leren verdragen
Maar het schept bij mij wel vragen
Maar het beste is te doen
Of je doof en blind bent
Want je voelt dat ze je nooit
Goed hebben gekend
Je hebt haar zoveel aangedaan
Ze is aan het drinken gegaan
Het kan haar niet meer schelen
Je heb haar bedrogen met zo velen
Toch komt er een tijd
Dan krijg je spijt
Maar dan is het te laat
En ze hoopt dat bij jou
Nooit de pijn over gaat
En ze waren heel erg ongeduldig
Om jou te mogen zien
Want ik kan het weten
Want ik heb jou het eerste gezien
Je Ma 
Verdriet je wilt er niet meer mee leven
Al die jaren het was maar schijn
Het doet zo'n pijn
Zou je het ooit kunnen vergeten
Maar je hoopt dat het bij hem
Nog heel lang knaagt aan zijn geweten
En dat hij zelf voelt
Wat jij bedoelt
Lieve Liek
Je weet dat ik er altijd voor jullie zal zijn
Al word ik nog zo klein
Maar jullie staan nu op eigen benen
Dat is zo als het moet
En ik heb niet te klagen
Want jullie doen het allemaal goed
Liefs Je Ma 
De bergen hebben pieken en dalen
Dat is een mooi gezicht
Je geldbuidel kent pieken en dalen
Dan vraag je je zelf af
Zou je het eind van de maand wel halen
Maar je leven heeft ook pieken en dalen
Maar je zet toch door
Want wat er ook gebeurd
Je wil die piek halen
Er staat zoveel tussen jullie in
Dat is al vanaf het begin
Je heb dat nooit geweten
Maar je had het eigenlijk moeten weten
Maar misschien deed je dat bewust
En wilde je het niet weten
Maar je hoop dat de toekomst
Je de tijd geef om alles te vergeten
Je zou graag naar de bergen gaan
Maar dat is te ver
Dus dat zal niet gaan
Je wil zo graag een edelweiss plukken
Maar dat zal je echt niet lukken
Ga gewoon de heuvels op
Tot boven aan de top
En loop dan weer naar beneden
Dan kom je zoveel moois tegen
Nee geen edelweiss
Maar wel de margriet
Dus geen verdriet
Dat je niet naar de bergen kan gaan
Maar hier alles om je heen
Is er zeker voor altijd voor jou alleen
Je gedachten zijn te veel
Bij de dag van morgen
Dan is het net
Of je vlug ouder gaat worden
Je wacht op het opkomen van de zon
En het ondergaan er van
Dan is er weer een dag voorbij
Maar vul wel de uren
Tussen de ochtend en de avonduren
Dan is het net
Of je leven ook langer zal duren
Als ik terug denk aan vroeger
Dan zie ik een beeld voor mijn ogen
Een broertje en een zus
Tegen elkander aangedrukt
Twee paar diep liggende zwarte ogen
Keken mij treurig aan
Ik was erg met hun lot begaan
Al was ik zelf nog klein
Bij hen vergeleken had ik het nog fijn
Want zij hadden geen vader en moeder meer
Ze wachten tevergeefs op hun terugkeer
De ouders waren meegenomen
Zouden zij nog levend terug zijn gekomen
Of kunnen ze alleen nog maar over hen dromen
De avond is gevallen
En de vogels zijn ter ruste
Dan doe ik even mijn ogen sluiten
En sluit dan alles buiten
Behalve mijn oren
Want ik wil nog even
De nagalm van de vogels horen
En ik weet zeker
Als ik morgen nog lig te slapen
Dat zij mij met een blij gevoel
Doen ontwaken.
Je ziet vaak sterren vallen
Dat is een prachtig gezicht
Je mag dan een wens doen
Als zo'n ster je belicht
Maar al heb je dan
Al zoveel wensen gedaan
En dacht dat ze uit zouden komen
Nou ik denk het niet
Ja misschien in al je dromen
Als je op het bed lig
En je kan de slaap niet vatten
Je ziet net door een reepje van het gordijn
De maneschijn
Dan blijf je kijken
En net zo lang wachten
Tot dat je de slaap kan vatten
Een klein reepje licht
Dat helpt en dan doe je je ogen dicht
Je voelt je steeds lomer
En even later lig je heerlijk te dromen
HET IS GEEN GEDICHT MAAR WEL WAAR
Nog maar twee dagen dan is zij zeventig
Een pracht van een leeftijd
31-1-1938
En ze is nog zo levendig
Ze is onze Koningin
Maar dan begin ik bij het begin
In 1938 is zij geboren 31 Januari
Ik werd geboren 31 augustus 1938
Op haar Oma's verjaardag
Daarom ben ik er trots op
Om de naam Wilhelmina te dragen
Mijn Moeder vertelde mij altijd
Je draagt de namen van vier moeders
Elizabeth van mij
Catharina van je twee Grootmoeders
En Wilhelmina van je Land's moeder
Dat is toch wel iets om trots op te zijn
EN dat ben ik ook
Ik ben even gaan kijken
Naar die bevroren roos
En ik zag nog veel meer mooie dingen
Prachtige bomen en vijvers
Allemaal in het ijs gedompeld
Het was net of de bomen en struiken
In bloei stonden
De takken van de bomen
Die zwaar waren van het ijs
Dat is hemels om te zien
En onwijs
Van harte gefeliciteerd met je 100ste gedichtjes en dat er nog maar veel mogen volgen.
Het regent buiten
En ik hoopte op sneeuw
Is dit een verandering
In deze eeuw
Ik kan mij van vroeger herinneren
Dat in Januari de winter echt ging beginnen
Maar zal ik ooit de sneeuw nog zien
Misschien, misschien misschien
Heerlijk in het bos waar de bomen ruisen
Zittend op het groene mos
En naar de vogels luisteren
Weg van alle drukte en verkeer
Met al zijn toeters en bellen
Die vaak je oren zeer doen bij het schellen
Even mijn ogen sluiten
Het is heerlijk hier buiten
Even een frisse neus halen
En genieten van de zonnestralen
Maar ik weet ik moet terug
Ik kan niet op de vlucht
Maar het liefst blijf ik hier
Tussen de planten en dier
Hoewel ieder naar de zon verlangt
En hem heel erg mist
Als het buiten regent
En je loopt tegen een muur van mist
Ik denk dat ieder toch even
Aan die witte vlokjes denken
Want dat is iets aparts
Wat ze ons schenken
Dan sta je in tweestrijd
De liefde voor de zon
Of het witte tapijt
Ik ben een mens
Met goede dingen
En foute dingen
Ik ben een mens
Met mooie dingen
En lelijke dingen
Ik ben een mens
Ik kan ratelen
Maar ook mijn mond houden
Ik ben een mens
Die ze wel mogen
Maar ook niet mogen
Ik ben een mens
En ik heb maar één wens
Dat ze me nemen zo als ik ben
Want daarom ben ik maar een mens
Elke dag een paar minuten langer licht
Dag na dag tot dat de zon ons landje belicht
Dan kunnen we weer heerlijk zonnen
Want daar is het toch allemaal om begonnen
Weer fijn buiten zijn
Lekker in de zonneschijn
Nog even wachten
En dan kan je de zon verwachten
Maar ook de bloemen en de bomen
Zullen weer in mooie kleuren terug komen
Groot brengen en opvoeden
Dat zijn twee verschillende dingen
Maar je moet er wel
Vanaf het begin mee beginnen
Want als dat niet gaat gebeuren
Dan zal je er later om treuren
Want dan zal je altijd
Op je hoede moeten zijn
En dat doet dan in je verdere leven
Heel veel pijn
Een heel klein vogeltje
Zat op de rand van mijn balkon
Ik keek er naar
En dacht bij mijzelf waarom
Zo dicht bij de mens
Heeft hij misschien een wens
Het is buiten koud en kil
En hij zat daar heel stil
Je zag wel dat hij zat te rillen
Dat was geen goed teken
Ik had hem het liefste
In het kooitje willen tillen
Een zonnestraal
Waar is hij gebleven
Je zoek hem overal
Want je heb hem nodig in je leven
Maar kijk diep in je hart
Dan kom je die zonnestraal zeker tegen
En kan je hem ook aan een ander geven
Ik ben een wees op aarde
Ik heb geen ouders meer
Zij hebben mij verlaten (bis)
Ik zie ze nimmer meer

Mijn vader is gestorven
Toen was ik nog zo klein
Ik wist toen niet wat dat zeggen wou (bis)
Mijn vader kwijt te zijn

Toen kwamen er boze mannen
Die namen mijn moeder uit het huis
Hoe lang moet ik nog wachten (bis)
Wanneer komt moesje thuis

Nu ga ik naar het kerkhof
Waar zoveel kruisjes staan
Daar zijn nu mijn lief ouders (bis)
Daar zijn ze heen gegaan

Nu kijk ik naar hemel
Waar zoveel sterren staan
Daar zijn ook mijn lief ouder (bis)
Daar zijn ze heen gegaan

Nu ga ik maar weer slapen
Ik ben van 't spelen moe
Nu speel ik in mijn dromen (bis)
Al met mijn Pa en Moe
Ik was even wat daagjes weg
Maar dat is logies zeg
Pannenkoeken in plaats van oliebollen
Nou dan loop je wel heen en weer te hollen
Kip en ook nog bami gemaakt
Maar het is heerlijk om te doen
Want ik weet dat het ze heerlijk heeft gesmaakt
Salades 'peper balletjes maar
Maar zo'n tweehonderdendertig
Omdat te doen was ook wel prettig
Ze waren er maar met een mannetje of dertig
En ik vind het fijn
Omdat zij er van smullen
En gelukkig zijn
In gedachten verzonken
Zit ik aan de tafel voor het raam
En ik zie duizenden sterren flonkeren
die ik voor mijn ogen voorbij zie gaan
Ik sluit dan even mijn ogen
En denk aan de onze daar boven
Die van ons weg zijn gegaan
Zouden zij ook daar boven
Die zelfde sterren zien staan?
Een zak vol gezondheid en geluk
Die heb ik voor jullie geplukt
Dat zijn de beste wensen
Die ik naar jullie toe wil zenden
Groetjes van een oude vrouw
Die van jullie allen hou
We willen ons niet op glad ijs wagen
Want dat schept alleen maar vragen
Maar zoals de bloemen geuren
Zo kan je ook je lot betreuren
Maar als de zon gaat schijnen
Dan zullen ook onze zorgen verdwijnen
Want voor ieder mens
Is er altijd een wens
Die eens in vervulling zal gaan
En die U dan in moeilijke tijden
Bij zullen staan
Dan zijn er ook geen vragen
En zullen jullie gedachten je niet meer plagen
Niets brengt jullie nog van de wijs
En dan is er ook geen weg meer op glad ijs
Je vroeg je zelf af
Waarom je op deze wereld moet zijn
Met al die zorgen en pijn
Maar je bent gaan schrijven
En dat is een hele goede reden
Om op deze wereld te blijven
Om je gedachten aan een ander door te geven
Dan is het voor hen een reden
Om te blijven leven
Als Sinterklaas is geweest
Dan is het weer tijd voor een groot feest
Maar zo als vroeger
Dat we een witte of een roze
suikerbeest vroegen
En als alles meezat
Dan zat dat s,morgens in je schoen
Ja toen waren we te vrede
Want er was maar weinig poen
Het was eenvoudig
Maar heel gezellig
Maar zou het wel leuk zijn
Om die tijd over te doen
Soms besef je niet
Hoe vlug de dagen gaan
En je kunt er beter
Niet bij stil blijven staan
Leef met de dag
In al zijn glorie en pracht
Zo moet je het blijven beleven
Dan zullen de dagen en jaren
Veel vreugde en geluk blijven geven
De bomen ik zie nog enkele blaadjes
En de stammen zien er dor uit
Maar binnenin zit er leven
Want dat heeft de natuur hen meegegeven
En nog enkele maanden
Dan zijn de blaadjes terug
En dan is het weer een rustplaats
Voor de vogels op hun lange vlucht
EEN GEBROKEN HART

Harten breken is zo hard
Het brengt zoveel smart
Het wordt in het leven
Zo vaak gedaan
Maar ga door
En speel het niet te hard
Want dan kan je rekenen
Op een gebroken hart
Ik zit te geeuwen
En een beetje te vervelen
Maar opeens wat zie ik
Het gaat sneeuwen
En daar tussendoor
Vliegen er meeuwen
Je kan ze nauwelijks zien
Want het wit van de sneeuw is subliem
Een prachtig gezicht
Bij het daglicht
Dan vliegen de meeuwen weg
En het stopt ook met sneeuwen
Nog even geeuwen
En met frisse moed er weer tegenaan
Dan is het werk weer zo gedaan
En in een wip
Ben ik weer uit mijn dip
Jaar 1948.evacuatie kamp Echten Drenthe


     GOUDMUILTJE

Goudmuiltje door MA Brands Buys Jr. Kinderoperette


Waar ben ik hoe kwam ik hier alleen, wat moeten die mensen zo om mij  heen

Mensen niet dwergen niet kindjes van mij dansende zingende elfen zijn wij
maar zeg mij lief blondje wie ben jij hoe vond je de weg door het bos
naar ons dal
kom zullen wij zingen van vrolijke dingen maar droog dan je traantjes vooral

Ik ben al niet bang meer lief elfje voor jou, ik zal je vertellen wat
weten je wou
Mijn vader is koning zijn rijk is heel groot goudmuiltje heet ik mijn
broertje is dood
Ik zag gisteren morgen toen speelde ik bij huis een heel grote vogel
zo groot als mijn vuist
Zijn veren die waren van goud en zijn staart was denk ik wel honderd
goud klontjes waard
Zijn ogen die waren van echt diamant
Hij vloog voor mij uit en ik greep met mijn hand
Ik wilde hem hebben hij vloog al maar voort
Ik liep hem steeds na zelfs tot buiten de poort
Daar ging hij een bos in en ik zag hem nog lang
Opeens was hij weg, en ik was hier zo bang
Hoe kom ik terug nu ik weet het heus niet
Wat deed ik mijn moeder toch veel verdriet

Wie zag die vogel ooit O,wee
Die goudmuiltje hier liet alleen

Wij niet ,de dwergen zij zullen het weten wis wat dat voor een vogel is
ja ja de dwergen zullen 't weten wis wat dat voor een vogel is

Vogel met gouden veren wil tot 't prinsesje weer keren
Zie hoe ze eenzaam in 't bos neer ligt op 't groene mos
Breng haar weer netjes en vlug ,weer naar haar ouders terug
Kom dan toch haast je man haast je wat gouden man

Die vogel die was ik

Is 't waar

Een grote machtig tovenaar,veranderde mij hokuspas
In een vogel met zijn toverstaf ,ik zou dan daarna een mens weer zijn ,
Als ik hem bracht een medicijn, nam ik twee tranen rijk en klaar
en vloog toen naar de tovenaar, zo is het geschiet nu wees niet meer boos
Ik breng je weer naar het rijk Leoos

Wat zou dat wat moet dat wat ik had gevreesd had wil jij wel eens los laten zeg
O, jij donkere booswicht straks vlucht je voor ;t daglicht dan loop je
zo hard je kunt weg

Och laat haar toch lappen moet het buitje ontsnappen ,
Kom pak ze en sleep ze naar 't hol

Ja dat kan je geloven goudmuiltje te roven
O lelijke heks ben je dol

maar wij gaan nimmer van elkaar, en wij gaan nimmer van elkaar
Ik ga met hem en ik met haar
Och neem mij mee toe doe het maar

Een vervolg op Goudmuiltje:

Vaarwel dan allemaal en weet
Dat geen van ons u ooit vergeet
Blijf steeds van heksenplaag bevrijd
En gelooft in onze dankbaarheid

hiep hiep hiep hoezee
hiep hiep hiep hoezee
Zij gaan met de engelen mee
Goudmuiltje en de prins hoezee
Gaan nu met de engelen vlug
Hoezee hoezee hoezee
naar Rodias terug

Vriendschap kan je niet kopen
Want dan gaat het echt mis
Je blijf op die vriendschap hopen
Want je voelt het als een gemis
Maar als je door gaat denken
Dan kunnen ze die vriendschap
Beter aan een ander schenken
Een vrolijk lied,
In dit jaar getij
Dat maakt elk mens blij
Als ieder mens een liedje zong
Dan is er geluk
En maken van blijdschap een grote sprong
Het jaagt de donkere wolken weg
En lopen dan op wolken een prachtige weg
En het zal jullie vreugde geven
Op je levens weg 
Als de maan aan de hemel staat
En ik kijk naar zijn lachend gezicht
Dan is het net of hij met mij praat
En ook mijn gedachten belicht
Dan komt er een donkere wolk aan
En weg is dan de maan
Maar even vlug is hij weer terug
Het is een prachtig gezicht
Zoals hij steeds weer de aarde belicht
Ik kijk door de ruiten
En ik zie dat het stormt buiten
Het is buiten koud en kil
En dat maakt me even stil
Maar zittend voor het raam
Weet ik dat er fijne dagen komen gaan
Met versierde bomen
Daar kan ik dan heerlijk bij weg dromen
Even mijn ogen sluiten
Dan weet ik zeker,
Dat de zon weer gauw zal schijnen
Door mijn ruiten
En ook voor al de mensen daar buiten
Geloof hoop en liefde
Drie woorden
Ik hoop dat ze blijven bestaan
Want anders zal het met de mensheid
Gauw zijn gedaan
Dus geloof hoop en liefde
Voor ieder mens en dier
Dan delen wij verdriet en liefde
Met al wat in ons zit

En heel veel plezier!

Bloemen blijven geuren
Met al hun mooie kleuren
je hebt rood wit en blauwen
Denk maar na
Dat zijn toch de kleuren
Waar we van houden
Moet je nu altijd op je woorden letten
En zelf weet dat je er niets mee bedoeld
Dan hou je je mond
Maar een ander weet niet wat je voelt
Dan laat je ze praten over allerlei dingen
Dan hou je je mond
Daar moet je je zelf toe dwingen
En hoe zou U zich voelen
Als je niet weet wat zij bedoelen
Het is zo mooi dat kleine land
Maar er is wel heel veel aan de hand
Hoe moet dat verder gaan
Kan er dan helemaal niets worden gedaan
Het zijn steeds vragen die bij je opkomen
Maar ik denk dat wij
Er alleen nog maar over kunnen dromen
Zo als ons land uit de zee is gerezen
En we denken als het zo door zal gaan
Weer vlug weg zal wezen
Naar de knoppen zal gaan
En een eind wordt van onze vrijheid en bestaan
Kamerdebatten
Het is om je dood te lachen
Zijn wij als Jan de burger, nou achterlijk
We hebben nog nooit zo'n flauwekul gezien
Ze zitten elkaar gewoon in de maling te nemen
En belachelijk te maken
Nou denken ze misschien dat zijn hun zaken
Nou we dachten het toch niet
Of zien ze ons alleen als publiek
Maar het ergste is nog
Ik zeg het toch Vrijheid van meningsuiting
Maar met al die flauwe kul
Zetten ze onze koningin voor ..............
Je kijkt naar buiten
Het is kil en koud
Maar in je hart schijnt de zon
En dat is iets waar je van houdt
Al is het nog zo triest
Zorg dat je je opgewektheid niet verliest
De zon zal toch weer gaan schijnen
En ik weet zeker dat dan je zorgen verdwijnen
Want de zon is er ook voor jou
Omdat hij ook van jou hou
Je geef je tranen de vrije loop
En steeds heb je nog hoop
Dan veeg je je tranen weg
Want je weet dat er voor jou
ook geluk is weg gelegd
Je moet maar denken
Dat komt op mijn levenspad
En later kun je denken
Zo dat heb ik gehad
Dagelijks zie je dat kinderen naar de bliksem gaan
Want Pa en Ma mogen niet slaan
Een pak op hun billen dat mag toch niet
Want dan doe je het kind te kort
En hebben zij verdriet
Maar als het kind groter wordt
en alles doet wat Pa en Ma verbied
Dan hebben ze er maling aan
Ook al hebben Pa en Ma verdriet
Een heel klein plantje
Met knopjes er aan
Zouden die ooit in bloei gaan staan
Elke dag even kijken
Dat het zal lukken
En de dorre blaadjes er afplukken
En met heel veel geduld
Wordt je wens vervuld
De lelies op het veld
Ze verdwijnen
Want de herfst komt
En dan zal de winter verschijnen
Zou de winter nog komen zoals vroeger
Dat we mutsen en dikke wanten droegen
En wij weer zingen kunnen
Over hagel en sneeuw
Is dat voor eeuwig weg
Is dat niet meer voor ons weg gelegd
De vier jaar getijden
Ze zijn er niet meer
Dat merkt ieder keer op keer
Alles is aan,t veranderen
Dat merk je aan al die branden
De wereld staat op z'n kop
Dus mensen doe er wat aan
En geef niet op
DIEREN leed
Het is zo wreed
Hondjes en poesjes
Het zijn zulke snoesjes
Als mens voel je verdriet
Maar voelen zij dat niet?
Ik kan mij niet voorstellen
Dat ze de beestjes zo kwellen
Dus als je liefde wilt geven
Dan kunnen zij het overleven
En heel veel liefde terug geven
Regen druppels lopen over mijn raam
Ik probeer ze te volgen met mijn ogen
Waar komen ze toch vandaan
Ja ze komen vandaar boven
En schuiven over mijn vensterbank
En vallen naar beneden
En vormen een plas in het gras
En zakken daar naar beneden
Het waren net pareltjes op mijn raam
Maar daar beneden
Is het een eind van hun bestaan
Gekleurde vlinders in de lucht
Je ziet gelen en witten
Door de zon oplichten
Maar er zijn er nog met vele kleuren
Die de velden op fleuren
Dan valt de avond in
En wachten zij tot de andere dag
Voor een nieuw begin
Een karakter is iets wat je moet opbouwen
Dat krijg je niet met je geboorte mee
Een karakter is om van te houden
Dat draag je, je hele leven mee
Blijf steeds aan je karakter werken
Dat zal je dan versterken
En je verdere leven
Al wordt het nog zo zwaar
Steeds beschermen tegen gevaar.
Morgen dauw op je gezicht
Dat is zo heerlijk dat is zo fris
Even heerlijk naar buiten gaan
Dan is het met je donkere gedachten gedaan
En kan je er weer tegen
Vrolijk verder te leven
Tel niet de jaren van je leven
Maar de jaren die je nog mag beleven
Ja dan ben je gauw uitgeteld
Want het is niet iets wat je voorspeld
Maar kijk niet terug
Dan gaan de jaren van de toekomst niet te vlug
Je deed alles voor je land
Dat deed je samen hand in hand
Het is eeuwen zo gegaan
En heeft het vele stormen doorstaan
Nu je ouder bent geworden
Ga je merken
Dat de hoge pieten
Je laten verrekken
Leven en laten leven
Doe dat altijd met een opgewekt gezicht
Dat zal dan in je verdere leven
Heel veel vreugde geven
En komen er donkere wolken aan
Denk dan niet dat het slechter zal gaan
Maar kijk vooruit en nooit terug
Dan hoef je voor niets op de vlucht
Dus vooruit met een opgewekt gezicht
En denk erbij dat is mijn plicht
Na enkele dagen is de zon gaan stralen
We hoefden niet langer te balen
Heerlijk in de zon
Met een drankje in mijn hand
Dan denk je wel aan degenen in je eigen land
Hoe zou het daar zijn
Misschien zitten ze wel heerlijk,
Bij een barbecue en wat rode wijn
Of met een biertje in hun hand
Maar bij thuiskomst had ik in de gaten
Dat de zon ergens anders was gestrand
Maar ondanks de heerlijke vakantie
En de zon niet op zijn best
Denk ik maar zo ,
OOST WEST THUIS BEST
Een bakje met plantjes
Die ik mee bracht uit een ander land
Ik heb ze toen op het balkon geplant
Ze deden het en groeiden goed
Maar voor ik er erg in had
Lagen al mijn plantjes plat
Ik wist niet hoe dat kon komen
Maar ik zag de dader
Vlak bij mij in de bomen
Een mooie duif zag ik daar zitten
Hij vloog naar het bakje met de plantjes
En ging er op zitten
Eerst werd ik boos
Maar toen moest ik lachen
Ik bleef er naar kijken en wachten
Ze koesterde zich heerlijk in de zon
En ik dacht bij mezelf
Zij heeft toch ook recht
Op die heerlijke warmte bron 
Waar staat die Nederlander
Is hij zo slecht
Heeft hij dan geen banden
Is hij zo slecht
Kent hij geen liefde
Is hij zo slecht
Want ze zijn zo afstandelijk
En op zichzelf
En vreemd voor hun familie
Is hij zo slecht
Dat wordt gezegd
Maar ik weet wel beter
Dat mag je wel weten
Ze zijn niet zo slecht
Want ze zijn in liefde en verdriet
Eén grote familie
En meer dan waar ook ter wereld
Aan elkaar gehecht
Dus wij zijn toch nog niet zo slecht

Je kunt kwaad denken
Over andere culturen
Maar bedenk wel dat velen zijn
Je beste naaste buren
Maar ik zou openlijk gedichtjes willen maken
Die misschien niet ieder zullen smaken
Daarom doe ik het maar niet
Want anders doe ik velen verdriet
Als de avond valt
En de laatste zonnestraal verdwijnt
Dan zit je te wachten op de sterren
Die je begroeten van verre
Dan zie je de maan staan
En dan is het weer tijd
Om naar bed te gaan
Nog even een douche pakken
En dan je bed in zakken
Dan heerlijk slapen
Tot de zon je weer wakker zal maken
Met de hengel in mijn hand
Zit ik aan de waterkant
Om wat visjes uit het water te halen
Kijkend naar de dobber
Die ik af zie dwalen
Dan heb ik beet
Dat is iets wat ik wel weet
Dan haal ik het visje uit het water
En vind het leuk
Om er even tegen te praten
Dan zet ik hem vlug terug
En hij gaat dan op de vlucht
Naar de donkere bodem toe
Misschien wel naar zijn pa en moe
Kijk niet achterom
Want dan doe je stom
Kijk vooruit en trek er heerlijk op uit
Verzet je gedachten
En laat de boel maar wachten
Maak je geen zorgen over dingen
Daar moet je, je zelf toe dwingen
En gaat het niet altijd zo als het moet
Denk dan bij je zelf alles komt goed
Een boekje heel klein
Om er in te schrijven is heel fijn
Een paar woordjes maar
Dan ben je zo klaar
Maar wat je in woorden uit wil drukken
Dat zal je in dit kleine boekje niet lukken
Ik heb beloofd als ik terug kwam
Dat ik weer wat gedichtjes zou maken
Ik hoop dat ik het dan nog kan
En dat ik het waar kan maken
Moet even mijn gedachten op een rijtje zetten
En ik weet dat ik goed moet opletten
Want ik ben bang dat ik zal falen
En dat jullie er van gaan balen
Maar ik hoop dat jullie er nog plezier
in kunnen beleven
Dan blijf ik jullie zeker en wis
Nog heel veel gedichtjes of rijmpjes geven
Zo ik heb over de vijftig gedichtjes gehaald
En ik heb er echt niet van gebaald
Want Bep is degene die het meeste werk doet
En dat doet ze mooi en goed
Ik ga nu trachten de honderd te bemachtigen
Maar eerst ga ik even weg
Dus jullie hebben even pech
Jullie zullen even moeten wachten
Want ik ga even een vakantie pakken
Maar ben ik weer terug
Dan zien jullie me weer heel vlug 

 

Jaren geleden is onze vriendin overleden
Dertig jaren is lang voor een vriendin
Maar ze was het wel vanaf het begin
We konden samen lachen
maar ook verdriet delen
Dat zie je tegenwoordig niet meer bij zo velen
Maar hoewel we scheelden in culturen
Konden we praten en lachen tot in de late uren
Dan zette zij een film op in haar eigen taal
Dat was voor mij niet te begrijpen dat was wartaal
Maar zij had het geduld om het letterlijk te vertalen
En ik genoot dan van die prachtige verhalen
Toen is zij henen gegaan
Maar voor ons blijf ze in onze gedachten
Altijd voort bestaan


Je gedachten weergeven van zestig jaar
Je denkt  bij je zelf dat heb je zo voor elkaar
Dat denk je ja, nou probeer het maar
Maar voor velen zou het goed wezen
Om keer op keer hun gedachten te lezen
Dan denk je bij je zelf dat is een geschenk
Dat je dat heeft kunnen doen en heb gekend
Dus lieve mensen probeer het maar
Dan komt later alles voor elkaar


Eens komt er een tijd dat je afscheid moet nemen
Dan is het ook de tijd om alles te vergeven
Dat is makkelijker gezegd dan gedaan
Zo luid het spreekwoord
Maar zoals je al zo vaak hebt gehoord
Ik heb er spijt van, dan was het ook voor jou afgedaan
Maar steeds weer op nieuw keer op keer
beging hij die fout weer.

 

Ik hoor in ons dorp in de verte muziek spelen
Het is net schemering zo tegen negenen
Maar dat mag want het is vandaag Koninginnedag
De mensen maken lol
En de muziek steeg naar hun bol
Later op de avond,dan krijg je vuurwerk
En gaat het knallen
Maar dan zingen de mensen niet meer
Maar lopen te lallen
Dan maken ze nog steeds lol
Omdat de drank steeg naar hun bol

 

Je bent zo ver en toch dichtbij
Het maakt ons leven erg vrij
Je was de steun in ons leven
Al ben je maar zo kort gebleven
Je werd zo jong van ons weg genomen
Ik zie je vaak in mijn dromen
Maar bedenkt wel Pa
Voor ons ben je er nog steeds
En ook onze Ma

 

Het is niet moeilijk om te dichten
Neem een voorwerp een vork of een mes
Of neem een kopje met een bloemetje erop
En ga daar op verder borduren
Dan heb je zo een rijmpje of een gedichtje
En dat kost je echt geen uren
NEGRITA


Ons kleine hondje Negrita
Ze was zo'n lieve Pepita
Zes jaren mochten we voor haar zorgen
En toen hebben we haar verloren
Ze was zo klein en zo iel
Toen we haar mee namen uit Cambriell
Maar we denken met liefde aan haar terug
Het is al jaren geleden
Wat gaat de tijd toch vlug

Wat erg toch
Hij vloog uit de bocht
Hij kon hem niet halen
En moest er duur voor betalen
Maar hij voelt het niet
Maar heel veel mensen hebben verdriet
Die nooit over gaat
maar voor hem was het te laat.

Op vier Mei doden herdenking
En vijf Mei waren wij weer vrij
Een roos voor al degenen
Die het leven hebben gelaten
En er kwam een boodschap uit voort
Dat wij elkander niet moesten haten
Want het is nog steeds
Dat velen elkaar haten
Zijn ze daarom heen gegaan?
En gevochten hebben voor ons bestaan

 

We moeten in ons leven veel geven
En dat is voor velen een doel en een streven
Maar als er geen doel meer is
Dan blijft het alleen nog maar een gedachtenis

 

Een simpele vraag
Als je wordt geplaagd
Waarom ik of waarom jij
Wat maakt het uit
Want ondanks die simpele vraag
Voel je je vrolijk en blij

 

Dromen zijn bedrog
Maar toch
Je weet maar nooit
Of ze uit zullen komen
En dan zijn het echt geen dromen

 

Die is geestelijk gestoord
Dat is het geen wat ze regelmatig hoort
Want ze is een oud wijf
Omdat ze gedichtjes schrijft
Maar het kan haar niet schelen
Want het is een geschenk voor velen.

 

We hebben vandaag een vriend gemaakt
Een vriend zolang hij zal leven
Een vriend met ene poot
Die naast ons staat bij de sloot
We hebben hem Hansie genoemd
En hij komt ook als je hem roept
Het is onze vriend de reiger
Die zit te wachten,tot hij een visje zal krijgen
Dan is hij weg en heeft hij genoeg
Maar de andere morgen is hij er weer heel vroeg.

 

Nu je vijftig bent geworden
Wens ik jou toe veel jaren zonder zorgen
Met je man kinderen en kleinkinderen
Maar er zullen heus nog wel eens dingen zijn
Die je zullen hinderen
Maar dat hoort nu éénmaal bij het leven
Maar zij zullen je ook veel vreugde geven
Daarom hoop ik en velen met mij
Dat er nog velen jaren komen
Die je gelukkig maken en blij
HARTELIJK GEFELICITEERD

 

Zittend op mijn balkon
Heerlijk genietend van de zon
En kijkend naar de mensen op de straten
Die daar hun hondjes uit laten
En met elkaar staan te praten
En kijkend naar de bomen
Daar zie ik de jonge bloesem al komen
De eendjes in het gras bij de waterplas
De meeuwen in de lucht
Die zijn zo prachtig in hun vlucht
En dan even in gedachten
Zit ik op de ondergaande zon te wachten
Dan denk ik bij mijzelf wat ben je toch rijk
ALS je het heel goed bekijkt

 

Ze stappen op het vliegtuig
Wat maakt het uit
Het kost hun toch geen duit
Jij stapt op de fiets
En dat kost je niets
Maar waar jij wilt komen
Daar kan je alleen maar over dromen
Maar misschien als je hard spaart
En al je centjes vergaart
Dan heb je misschien kans
Dat je verder kan komen
Dan alleen maar in je dromen

 

Het was donker om haar heen
En ze was alleen het kleine meisje
Maar zij voelde zich goed
En zong als een sijsje
En verdriet dat kon zij niet
Zou dat nog zo zijn op haar levensweg
Of is dat niet voor haar weggelegd

 

Ik was vandaag in Rotterdam
De stad waar ik ben geboren
Maar er was weinig wat mij bekend voorkwam
Er is zoveel verloren
Die mooie oude brug is weg
Waar is hij gebleven
Kijk in het westen en in noord
Kijk in zuid en oost
Het maakt mij alleen maar boos
Want er is niets meer in Rotterdam.
Wat mij bekend voorkwam
En dat is voor een Rotterdammer hard
Dat raakt je diep in je hart

 

Ik moet weer eens gaan zitten
En weer een gedichtje maken gaan
Want als je niet gaat zitten
Dan blijf je bij het laatste staan
Dus ga ik vrolijk verder met mijn gedichten
Met gedichten over de bloemetjes en de bij
En ik hoop dat degenen die ze lezen
Hen vrolijk maakt en blij.

 

Gelukkig velen kunnen straks weer op vakantie gaan.
Maar hoeveel zijn het er die dat niet kunnen
Het wekt vaak jaloezie
Dat hoef toch niet
Want wij zijn niet de genen
Die het hen misgunnen
Het wordt steeds moeilijker voor vele mensen
Maar zij hebben toch ook recht op zulke wensen

 

Moord en doodslag
Dat is wat je elke dag hoort
En wordt er elke dag wel één vermoord
Waar komt die haat toch vandaan
Moeten we zo verder gaan
Het leven is al zo kort
Waarom dan die moord
En het verdriet
Die de dader niet ziet

 

Eens werd er tegen mij gezegd
Een vrouw of man neem je
Kinderen krijg je zo werd er gezegd
Maar broers en zussen heb je
Want die komen uit het zelfde nest.

 

Wat was het toch leuk om in de bossen te wandelen.
En als je moe werd, rusten onder een beuk
En dan ging je ook nog cantarellen zoeken
Dat deed je onder het mos en in alle hoeken
Dan ging je naar huis
En gaf ze aan moe, die bakte ze op het fornuis
Dan zat je aan tafel heerlijk te smullen,
Met je ouders en broers die fijne knullen
Maar die tijd is voorbij
Voor hen en voor mij
Maar één ding, het is een mooie herinnering

 

Het was winter en erg koud
En ik zag in de verte een boom
Die stond aan de rand van het woud
De zon scheen heel fel op die boom
Zo veel mooie kleuren
Het leek wel een kerstboom
Ik liep er naar toe
En weg was mijn mooie boom
Het was alleen maar ijs
Maar om dat te zien, het was onwijs

 

Leven en laten leven
Dat probeer je steeds te doen
Want dat doe je uit goed fatsoen
Dat werd je vroeg geleerd
En dat was niet zo verkeerd
Want wat je nu om je heen ziet
Dat hoort toch niet
Dus het motto is als ik me niet vergis
Leven en laten leven. 

 

Op bergen en in dalen
Waar je zo heerlijk kunt dwalen
Het kletteren van de waterval
Daar onder in het dal
Het klinkt als belletjes in je oren
En je voelt je daar niet verloren
En zittend op het groene mos
Dan droom je er heerlijk op los

 

Liefde kent geen verdriet
Als je maar de zon zijde ziet
Blijf zingen en lachen
Ook al is het met een traan
Want als je de moed laat zakken
Dan is het gauw met je gedaan

 

Toen je pas geboren was
Vond ik dat o zo fijn
Toen je pas geboren was
Was je erg klein
En nu je al wat groter bent
En de zorgen komen gaan
Zie ik steeds in mijn gedachten
Jou kleine wiegje staan

 

Je ziet het water stromen
In de smalle beek
Je ziet er visjes in dromen
In deze mooie streek
Dat beekje loopt dwars door de bossen
Dat is ook heerlijk voor de vossen
Het eindigt in een waterplas
Een hele mooie ven
Waar kinderen in de winter schaatsen gaan
Zo ook Papa en Mama met hen
Wees zuinig op dat natuurschoon
Zodat het blijf bestaan
Want anders wordt het alleen nog maar een droom

 

Herinneringen uit je jonge leven
Die zijn zo duidelijk die zijn gebleven
Je laat het over je heen komen
En je ziet het in al je dromen
En het is je gelukt er mee te leven
In al die jaren van je leven

 

EEN HERINNERING
Een bloemperkje van vijftig bij vijftig centimeter
Dat tekende ik met mijn vingertjes op de grond.
En ik plukte allerlei bloementjes
Van verschillende kleuren
Want die moesten dat perkje opfleuren
En bij het onder gaan van de zon
Zag ik die mooie kleuren
Het leek wel een mozaïek
Maar vele jaren later zie ik nog dat perkje
Dat toen mijn hartje won

 

Drie kleine peuters ze spelen op het gras
En oma is hen geliefde oppas.
Het lijken wel engeltjes.
Maar ook wel eens bengeltjes
Maar meestal doen en verzinnen ze wat leukers.
Die kleine ondeugende peuters.
En gaan ze om zeven uur naar bed,
Dan is het uit met de pret.
Dan liggen ze met wangetjes rood,
En met hun beentjes bloot.
Dan lijken ze op rode rozen die deugnieten.
maar dan kan oma eindelijk van haar rust genieten

 

Een vriendenkring kan heel groot zijn
Maar voor je het merk
Blijkt hij maar heel beperk
Maar de genen die zijn gebleven
Die zijn er voor altijd
Je hele leven

 

IS DIT VOORBIJ
Ons Nederland waar de korenbloemen groeide
Ons Nederland waar de heide bloeide
In hun mooie paarse kleuren
Waar de lentezon ieder mens deed opfleuren
Waar ieder zong bij het ochtendgloren
En elke zonnestraal ieder mens kon bekoren
Is dit voorbij is het alleen nog een herinnering
Is het een eind van het begin

Rotterdammer blijf je in hart en nieren
Waar je altijd feest kon vieren
Waar je naaste buren je leven konden verzuren
Maar was er wat aan de hand
dan waren zij de genen die je hielpen hand in hand

 

Bevend zat zij op het stoepje
Dat lieve kleine ding
Met een bosje rode rozen
Voor haar moe die henen ging
Tranen druppelen uit haar ogen
Op het bosje rode rozen
En kijkt op eens met heldere ogen
Naar de hemel
En ziet haar lieve moesje staan
En zegt dan met bevende stem
't Is goed dat U daar bent heen gegaan.

 

Met zijn allen in een legertruck
En op naar de Drentse hei.
Wat waren wij als kinderen ontzettend blij
Weg uit de grote stad,
Want die was zo goed als weg en lag plat,
Er heerste honger en armoe,
Maar wij zagen niet de tranen van ons pa en moe,
Dat ze hun stad voor de kinderen
de rug moesten toekeren
Maar hun vraag was, wanneer zullen wij er weer keren.

 

JE  BENT  VRIJ.
Je a.o.w. jou pensioen
Je bent vijf en zestig en hoeft niets meer te doen.
Dat is door je partij groot gemaakt
En dat viel bij ieder in de smaak
Want het was toch jou partij
Die zorgde voor het pensioen
En dat je na je vijf en zestigste,
niets meer hoefde te doen
En kon genieten van je pensioen
Vergeet het maar.
Want ze zijn nog lang niet klaar
Om dat teniet te doen.
En dan kan je beter dood gaan voor je pensioen
Was jij er nog maar ouwe,
Op jou kon heel Nederland bouwen
dat is nu verkeken,
heel Nederland is aan 't verbleken
Dag pensioen,
Je zult moeten werken ,
En nog heel veel moeten doen 

 

We lopen heerlijk op het strand
Met onze voeten in het warme zand
Met de warme zon op ons gezicht
En 's avonds wachtend op het maanlicht
Kijkend naar de sterren
die ons toe lachen van verre
En is de dag voorbij
Dan liggen we zij aan zij
Nog even pratend over deze dag
Zo één die er zijn mag
En slapen dan tot de andere morgen
Hopend dat het er een wordt zonder zorgen

 

Zou jij dat kunnen zijn
Dat bloemetje van satijn
Het bloemetje in de maneschijn
De zon en het licht
En een mooi begin voor een nieuw gedicht

Je kijkt naar de hemel en je ziet een ster bewegen
Hij lacht je toe en hij zegt aan wie zou je mij geven
Dan denk je na zonder hinderen
En zegt dan, aan al die arme kinderen
Die jou kunnen zien en gebruiken
Zodat voor hen ook de zon zal ontluiken
En hun zal geven,

Zou de zon gaan schijnen
En de kou gaan verdwijnen
Of komen de wolken terug
En moet ik op de vlucht
Naar warmere streken, of oorden
Dan moet je niet naar het noorden
Dan ga je naar het zuiden toe, naar de zon
Want daar ligt de warmtebron,
Maar of je nu gaat naar  oost of west,
Naar zuid of naar het noorden,
Elke richting kan je bekoren
Want bedenkt wel en dat is echt,
Achter de wolken schijnt toch de zon
En daar licht onze warmte bron

Ik kijk uit het raam
en ik zie vlokken zweven
Ik kijk uit het raam
en zie dat er een wit tapijt wordt geweven
zo helder en mooi
ja tot de dooi
want tot mijn spijt weg was mijn mooie tapijt

Een Mens
als je als mens niet weet waar je staat.
dan is er veel wat je ontgaat,
dan kan je proberen,
en veel gaan leren,
dat je als mens niets meer ontgaat
en dan pas weet waar je staat.

Ons zwarte hondje Negrita
Ze was zo'n lieve Pepita
Zes jaren mochten we voor haar zorgen
En toen hebben we haar verloren
Ze was zo klein en zo iel
Toen we haar mee namen uit Cambriel
Maar we denken met liefde aan haar terug
het is al weer jaren geleden
Wat gaat de tijd toch vlug

Ga nog eens met je gedachten terug naar je jeugd
En denk dan terug aan die mooie tijden
Wat had je plezier en wat had je vreugd
Vooral in de zomertijden
Je zag de bloemen bloeien
Dat bleef je altijd altijd boeien
En nu je ouder bent geworden
En terug denkt aan die tijd
Nee je heb geen spijt
Dat je ouder bent geworden
Liefde is wat je geleerd moed hebben te geven
Maar als je dat niet is geleerd is in je jonge leven
Dan is het een moeilijke opgaaf
Om het aan je kinderen door te geven

 

Alleen
Alleen met je gedachten, ben je alleen
Met toch zoveel mensen om je heen
Je maakt lol en hebt pret
Dat is het geen wat je eenzaamheid verzet
Maar ben je weer op de plaats waar je thuis hoort
Dan is er niemand die je eenzaamheid voelt of hoort
Dan sluit jij je zelf op
en sluit alles buiten
En kijkt eenzaam door de ruiten
Je ziet de wolken gaan
En je beseft dat het een deel is van je bestaan
Dat is nu eenmaal je lot,maar je gaat door
Want ondanks alles krijgt krijgt niemand je kapot
Geef ze een kans, want ze staan aan de kant
De oudjes van dit land
Ze hebben zo veel gedaan
En er was hen niets ontgaan
Maar zijn zij nu de gene
die hebben afgedaan

 

Vier en twintig uur ze zijn zo voorbij
Een week gaat nog vlugger voorbij
Maar neem nu een maand of een jaar
Telt het allemaal bij elkaar
En kijk dan terug
Dan denk je bij je zelf wat gaat de tijd toch vlug